Het is wettelijk verplicht om een briefadres te hebben en ik wil me inschrijven op het adres van een vriend in Amsterdam, in plaats van Den Haag. Een e-mail van de gemeente Amsterdam:
Neem contact op met HVO (Hulp Voor Onbehuisden) en/of het Leger des Heils.
De woorden komen hard binnen. De gemeente verwijst me door naar de daklozenopvang! Het hotelverhaal nemen ze duidelijk niet serieus. Voor het eerst voel ik me echt dakloos.
“Naar welk hotel ga je nu?” vraagt de receptionist, als ik mijn bagage kom ophalen bij Prins Hendrik.
“Het één na beste hotel van Amsterdam: De Koopermoolen.” Hij lacht.
“Daar kwam ik al toen het nog een theater was. Theater De Koopermoolen. Ik was toneelknecht bij verschillende theatermakers. Het was een theaterrestaurant van de bekende caberetier. Vanaf hier werd zijn radioprogramma uitgezonden. Hij heeft het verkocht en toen werd het een hotel. Het is van dezelfde eigenaar als dit hotel, dus ik kom er nog steeds. Elke keer denk ik aan hoe het was en zoek ik naar herkenbare dingen.”
Het begin van de Warmoesstraat. Ik heb hier eerder ontbeten, toen ik bij de Mallemoolen sliep. De ruimte van de receptie is vrij laag. Dit moet een heel oud pand zijn. Er zit een vrolijke jongen achter de balie. Hij luistert naar Amsterdamse volksmuziek. “Niet schrijven dat ik eigenlijk gestoord ben, anders krijg ik problemen met mijn baas. Je hebt kamer 2141. Nee, we hebben niet meer dan 2000 kamers, alle kamers beginnen met 21. Die van jou is op de vierde verdieping. Daar is de trap.”
Hijgend kom ik boven. De kamer heeft een schuin zolderdak. Het raam kijkt uit op een luchtkoker met grote aluminium buizen. Er zijn plantjes neergezet om het uitzicht iets natuurlijker te maken. Buiten woedt een ijskoude storm, dus ik sluit de gordijnen. Het uitzicht van hotelkamers wordt overgewaardeerd. Een nieuwsbericht op televisie dat daklozen in Amsterdam verplicht worden om binnen te slapen. Er worden extra bedden neergezet bij de daklozenopvang. Sommige daklozen blijven liever buiten en ik begrijp het. De wereld is te hard om afhankelijk te zijn.
De telefoon van de receptionist gaat. Hij probeert door te verbinden, maar de persoon is niet op zijn kamer. Twintig minuten lang hangt hij aan de telefoon en spreekt geduldig.
“Oh, zit je hier.” Als hij opstaat, ziet hij me op de bank in de receptie zitten. “Ja, ik probeerde door te verbinden naar je kamer. Het was een meisje. Ze zegt dat je haar naam hebt genoemd in het verhaal over Hotel Heemskerk. Over het feit dat ze de eigenaar stalkte, waardoor hij overspannen is geraakt. Ze bleef maar doorpraten. Straks belt ze terug, want ik heb gezegd dat je misschien onder de douche stond. Ik denk dat ze jou nu ook gaat stalken, haha. Ik heb het stuk gelezen, maar je hebt haar naam helemaal niet genoemd. Ze klonk ook een beetje in de war.”
Hoe kan ik nou gestalkt worden, terwijl ik dakloos ben? Ik denk terug aan de maanden dat mijn post werd gestolen door een kleine man die zijn magere hand dagelijks door mijn brievenbus stak. Hij wist alles van me. Van mijn liefdesverdriet tot mijn bankschuld. Ooit kwam ik hem tegen en knikte vriendelijk. Op advies van de politie ben ik verhuisd.
Een ober van het naastgelegen restaurant komt binnen met een bord pizza.
“Heb je misschien zin in een stukje?” vraagt de receptionist attent.
De manager komt binnen. “Je had over dit hotel geschreven dat we een ster waren kwijtgeraakt omdat de lift was afgekeurd, maar dat is helemaal niet waar. Ze zijn vandaag nog langskomen om de lift te keuren en hij doet het gewoon. We hebben een ster ingeleverd uit marketingoverwegingen. Er zijn zoveel driesterrenhotels in Amsterdam, dat dit hotel helemaal niet opviel op de boekingssites. Je kunt beter een tweesterrenhotel zijn met goede waarderingen dan een driesterrenhotel dat ergens onderaan staat. De vorige receptionist had dat verteld, maar hij zegt wel vaker gekke dingen.”
Hij laat een zwart-wit poster zien van Theater De Koopermoolen. “Dit pand bestond al in 1725. Misschien was het ooit een kopermolen. In ieder geval was het een theater. Maar het hele hotel is gestript en opnieuw gebouwd in 1999. Alleen de buitenmuren zijn blijven staan. Er is zelfs een extra verdieping in gebouwd. Daarom is het hier wat lager dan je van buiten zou verwachten.”
De volgende ochtend kom ik op kantoor. Een collega vraagt: “En moest je verplicht binnen slapen? Oh, er heeft een meisje voor je gebeld. Ze klonk nogal gestresst, maar ze gaat je mailen.”
Hotel De Koopermoolen is een tweesterrenhotel met 23 kamers aan het begin van de legendarische Warmoesstraat, vlakbij het Centraal Station. De kamers hebben allemaal een badkamer. Er is een lift aanwezig. De kamers zijn ouderwets maar netjes en het personeel is zeer communicatief. Het hotel is van dezelfde eigenaars als De Mallemoolen en Prins Hendrik.
Hotel De Koopermoolen,Warmoesstraat 5-7-9
Vanaf 65 euro









